Welke eenheden worden gebruikt voor upload- en downloadsnelheid?

Upload- en downloadsnelheid worden meestal uitgedrukt in Mbps, terwijl bestanden vaak in MB/s worden weergegeven. Daardoor lijkt een verbinding soms trager dan verwacht. In dit artikel lees je hoe bits en bytes samenhangen, waarom upload en download kunnen verschillen en welke factoren een meting beïnvloeden. We bespreken onder meer Wi-Fi, routerbelasting, netwerkdrukte, latency, jitter, pakketverlies en beperkingen van je apparaat. Met een betrouwbare testmethode en enkele praktische optimalisaties kun je beter bepalen of het probleem bij je thuisnetwerk, modem, provider of het gebruikte apparaat ligt.

Gepubliceerd 2026-07-31 Laatst bijgewerkt 2026-07-31 Categorie: Gidsen

Welke eenheden zie je bij internetverkeer?

Providers en snelheidstests tonen de verbinding meestal in megabits per seconde, afgekort als Mbps. Downloadprogramma's, cloudopslag en bestandsverkenners gebruiken daarentegen vaak megabytes per seconde, afgekort als MB/s. Een byte bestaat uit acht bits. Een theoretische snelheid van 100 Mbps komt daarom overeen met maximaal ongeveer 12,5 MB/s. In de praktijk ligt de zichtbare downloadsnelheid lager door protocoloverhead, drukte en andere netwerkfactoren.

Let ook op hoofdletters. Mb betekent megabit en MB betekent megabyte. Het verschil tussen deze eenheden verklaart veel meldingen waarbij een abonnement van bijvoorbeeld 400 Mbps tijdens een download geen 400 MB/s laat zien.

Waarom verschillen upload en download?

De techniek van het abonnement is een veelvoorkomende oorzaak. Kabel- en DSL-verbindingen zijn vaak asymmetrisch: de downloadsnelheid is hoger dan de uploadsnelheid. Bij glasvezel kunnen providers een meer gelijkwaardige verhouding aanbieden, maar de exacte waarden hangen af van het gekozen abonnement en de lokale infrastructuur. Controleer daarom eerst de beloofde upload- en downloadsnelheid van je eigen contract.

Capaciteit bij de provider kan de meting beïnvloeden. Op drukke momenten delen meerdere aansluitingen capaciteit in het netwerk. Dit is vooral zichtbaar als de snelheid op verschillende tijdstippen sterk verandert. Een enkele lage test zegt dan niet direct dat je modem defect is.

Wi-Fi-bereik en interferentie veroorzaken vaak een lagere snelheid dan een bekabelde test. Muren, metalen objecten, andere draadloze netwerken en apparaten op dezelfde band kunnen het radiosignaal verzwakken. De 2,4GHz-band heeft meestal een groter bereik, terwijl 5GHz en nieuwere Wi-Fi-standaarden bij korte afstand hogere snelheden kunnen bieden.

Een beperkte router of modem kan een snellere aansluiting niet volledig verwerken. Oude firmware, een zwakke processor, oververhitting of ingeschakelde functies zoals uitgebreide filtering kunnen de doorvoer beperken. Controleer ook of de gebruikte Ethernet-poort en netwerkkabel de snelheid van het abonnement ondersteunen.

Belasting door andere apparaten verlaagt vooral de beschikbare upload. Een cloudback-up, beveiligingscamera, videogesprek of grote bestandsoverdracht kan de uitgaande verbinding continu gebruiken. Daardoor kunnen websites trager reageren, ook wanneer de downloadcapaciteit nog voldoende lijkt.

De server van de test of download is niet altijd snel genoeg. Een speedtest kiest doorgaans een nabijgelegen testserver, maar een internationale website, gameplatform of cloudserver kan op dat moment zelf overbelast zijn. Een lage downloadsnelheid bij één dienst bewijst daarom niet dat je hele internetverbinding traag is.

Latency, jitter en pakketverlies beïnvloeden de ervaring naast de ruwe Mbps-waarde. Latency is de vertraging, jitter is de variatie in die vertraging en pakketverlies betekent dat gegevens opnieuw moeten worden verzonden. Vooral videobellen, online gaming en interactieve toepassingen kunnen hierdoor slecht werken zonder dat de snelheidstest extreem laag is.

Hoe bepaal je waar het probleem zit?

  1. Voer meerdere tests uit op verschillende tijdstippen en noteer download, upload, latency, jitter en pakketverlies.
  2. Test eerst met een Ethernet-kabel die rechtstreeks op het modem of de router is aangesloten.
  3. Vergelijk daarna dezelfde test via Wi-Fi op korte afstand van de router.
  4. Stop tijdelijk downloads, cloudback-ups, VPN-software en streaming op andere apparaten.
  5. Vergelijk de resultaten met de snelheid uit je abonnement, waarbij je Mbps met Mbps vergelijkt en niet met MB/s.

Een duidelijk betere bekabelde meting wijst meestal op Wi-Fi of de lokale netwerkconfiguratie. Zijn beide metingen laag, controleer dan kabels, modemstatus, routerinstellingen en eventuele storingen bij de ISP of operator. Blijft het verschil bestaan, bewaar dan de meetresultaten voor contact met de provider.

Hoe verbeter je de upload- en downloadsnelheid?

  • Plaats de router centraal, vrij van de vloer en niet in een gesloten kast.
  • Gebruik waar mogelijk Ethernet voor een vaste computer, televisie, gameconsole of werkplek.
  • Werk de firmware van modem, router en netwerkadapter bij.
  • Kies een geschikt Wi-Fi-kanaal en gebruik 5GHz of een recentere Wi-Fi-standaard wanneer de afstand beperkt is.
  • Plan grote back-ups en uploads buiten momenten waarop je interactieve toepassingen gebruikt.
  • Herstart modem en router alleen als tijdelijke controle; een terugkerend probleem vraagt om verdere diagnose.

Wanneer neem je contact op met de provider?

Neem contact op met je provider wanneer een bekabelde computer herhaaldelijk duidelijk onder de contractsnelheid blijft, de verbinding vaak wegvalt of pakketverlies zichtbaar blijft. Vermeld het tijdstip, de gebruikte testserver, de meetwaarden en of het probleem via Ethernet en Wi-Fi optreedt. De provider kan vervolgens het signaal, de aansluiting, het modem en de capaciteit op het netwerk controleren.

Veelgestelde vraag over Mbps en MB/s

Waarom is 100 Mbps geen 100 MB/s?

Omdat Mbps megabits per seconde betekent en MB/s megabytes per seconde. Deel de Mbps-waarde theoretisch door acht om MB/s te berekenen. Bij 100 Mbps is dat ongeveer 12,5 MB/s. Protocoloverhead, servercapaciteit en netwerkbelasting zorgen ervoor dat de werkelijke waarde meestal iets lager is.