Wat is Mbps bij een speedtest en waarom is mijn snelheid lager?

Mbps staat voor megabits per seconde en geeft aan hoeveel gegevens je internetverbinding per seconde kan verwerken. Bij een speedtest zie je meestal de download- en uploadsnelheid, aangevuld met latency, jitter en soms pakketverlies. Een lagere uitkomst betekent niet automatisch dat je abonnement of provider defect is. Wifi-storing, afstand tot de router, drukte op het netwerk, een verouderde modem of extra netwerkgebruik kunnen de meting beïnvloeden. Met een test via een netwerkkabel, meerdere meetmomenten en controle van je apparatuur kun je bepalen waar het probleem ontstaat. Daarna helpen een betere routerpositie, minder draadloze belasting of contact met je provider.

Gepubliceerd 2026-08-09 Laatst bijgewerkt 2026-08-09 Categorie: Gidsen

Wat betekent Mbps bij een speedtest?

Mbps betekent megabits per seconde. De eenheid laat zien hoeveel data je verbinding in één seconde kan downloaden of uploaden. Eén byte bestaat uit acht bits. Een snelheid van 100 Mbps komt daarom theoretisch overeen met ongeveer 12,5 megabyte per seconde, hoewel praktische downloads meestal lager uitvallen door overhead en de gebruikte server.

Een speedtest toont meestal de downloadsnelheid, uploadsnelheid en latency. Download is belangrijk voor streamen, websites en bestanden ophalen. Upload speelt een grotere rol bij videobellen, cloudback-ups en het versturen van grote bestanden. Latency, ook wel ping genoemd, meet de vertraging tussen jouw apparaat en de testserver.

Waarom is de Mbps-score lager dan verwacht?

De gemeten snelheid is een momentopname. De uitkomst hangt af van je abonnement, de verbinding tussen je apparaat en de router, de gekozen testserver en de belasting van het netwerk. Een abonnementssnelheid is bovendien vaak een maximale snelheid onder geschikte omstandigheden en geen vaste garantie voor iedere wifi-meting.

Oorzaak 1: wifi verliest snelheid door afstand en obstakels

Wifi wordt zwakker wanneer je ver van de router zit of wanneer signalen door betonnen muren, vloeren en metalen objecten moeten gaan. Ook andere draadloze netwerken in een appartement of rijwoning kunnen storing veroorzaken. Daardoor kan een speedtest in dezelfde woning sterk verschillen per kamer en per apparaat.

Oorzaak 2: andere apparaten gebruiken dezelfde verbinding

Televisies, smartphones, spelcomputers, beveiligingscamera’s en laptops delen de beschikbare capaciteit. Een grote download, cloud-synchronisatie of videostream kan de Mbps-score van een gelijktijdige test verlagen. Vooral bij een beperkte DSL- of kabelverbinding is dit snel zichtbaar.

Oorzaak 3: router of modem werkt niet optimaal

Een verouderde router kan moeite hebben met moderne wifi-standaarden, veel gelijktijdige apparaten of hoge internetsnelheden. Ook tijdelijke softwareproblemen, warmteontwikkeling of een lange uptime kunnen invloed hebben. Een herstart lost soms een tijdelijke storing op, maar is geen structurele oplossing voor verouderde apparatuur.

Oorzaak 4: de aansluiting van de provider heeft beperkingen

Bij DSL hangt de haalbare snelheid onder meer af van de afstand tot de wijkcentrale en de kwaliteit van de koperen lijn. Bij kabelinternet kan gedeelde netwerkcapaciteit op drukke momenten een rol spelen. Glasvezel is doorgaans stabiel, maar ook daar kunnen problemen ontstaan in de modemverbinding, wijkapparatuur of aansluiting van de ISP.

Oorzaak 5: de speedtest gebruikt een ongeschikte meetmethode

Een browserextensie, zwakke wifi-chip, oudere laptop of actief VPN kan de test beïnvloeden. Ook een testserver op grote afstand kan een minder representatieve uitkomst geven. Eén meting zegt daarom weinig. Gebruik bij voorkeur meerdere testservers en vergelijk de resultaten op verschillende tijdstippen.

Oorzaak 6: latency, jitter of pakketverlies verstoren de ervaring

Een hoge Mbps-score betekent niet automatisch dat de verbinding prettig werkt. Bij hoge latency reageert een verbinding traag. Veel jitter wijst op wisselende vertraging en pakketverlies kan leiden tot haperingen, verbroken gesprekken of problemen tijdens online gamen. Deze waarden zijn vooral belangrijk voor interactieve toepassingen.

Hoe controleer je de werkelijke internetsnelheid?

  1. Sluit een computer rechtstreeks met een geschikte netwerkkabel aan op de router of het modem.
  2. Pauzeer downloads, streaming, cloudback-ups en updates op andere apparaten.
  3. Sluit VPN-software en onnodige browserextensies tijdelijk af.
  4. Voer meerdere metingen uit in de ochtend, avond en op een druk moment.
  5. Noteer download, upload, latency, jitter en pakketverlies.

Vergelijk de bekabelde meting met de snelheid die in je internetabonnement staat. Een bekabelde test die duidelijk hoger uitvalt dan wifi wijst meestal op een draadloos probleem. Blijft ook de kabelmeting structureel laag, dan zijn de router, modemverbinding of aansluiting van de provider mogelijke oorzaken.

Wat kun je doen om de Mbps-snelheid te verbeteren?

  • Plaats de router zo centraal en vrij mogelijk, niet in een kast of direct naast metalen apparatuur.
  • Gebruik voor vaste apparaten, zoals een desktop of televisie, bij voorkeur een netwerkkabel.
  • Werk de firmware van router en modem bij en controleer of je apparaat moderne wifi ondersteunt.
  • Gebruik een minder druk wifi-kanaal of schakel, wanneer beschikbaar, tussen 2,4 GHz en 5 GHz.
  • Beperk zware downloads en synchronisaties tijdens videogesprekken of speedtests.
  • Controleer bij een glasvezelverbinding de kabel en aansluitingen tussen het glasvezelkastje, modem en router.

Wanneer neem je contact op met je provider?

Neem contact op met je provider wanneer een bekabelde speedtest op meerdere momenten duidelijk onder de verwachte snelheid blijft. Geef daarbij de meetdatum, het gebruikte apparaat, de verbinding via kabel of wifi en de waarden voor download, upload en latency door. De provider kan vervolgens de lijn, modemregistratie en eventuele storingen in het netwerk controleren.

Een lage wifi-score vraagt niet altijd om een nieuw abonnement. Eerst vaststellen waar het verlies optreedt is belangrijk: tussen het apparaat en de router, tussen de router en de aansluiting, of in het netwerk van de ISP. Zo voorkom je dat je een probleem oplost met de verkeerde maatregel.